Verlangen

Van de vakantie hebben we een handgeschilderd dienblad mee naar huis genomen. We fietsten langs het atelier van de kunstenaar toen we het (de verf nog nat) op een standaard zagen staan.

Sindsdien draag ik mijn proviand op een eiland naar boven. De koffiemok staat tussen wat huizen in de duinen; de boterhammen wachten tussen vuurtoren en branding tot de zeelucht mijn eetlust heeft aangewakkerd.

Het leek me een leuk idee. Ik zat op mijn werkkamer en droomde bij het zien van mijn dienblad over vergelegen oorden. Het geluk is altijd waar je niet bent, en meer van dat soort romantische onzin. Ook had ik al troost gevonden: zolang er maar een plek is waar je naar toe zou willen gaan, hoef je niet te wanhopen.

Maar toen we vlak voor het eind van de vakantie nog even een souvenirwinkel binnenliepen, sloeg de werkelijkheid genadeloos toe. In de stellingen en op de grond lagen tientallen handgeschilderde dienbladen. Allemaal identiek aan degene die wij hadden gekocht.

Plotseling snapten we ook waarom de kunstenaar zo besmuikt had gelachen, toen we hem vertelden dat hij ons verlangen zo treffend had verbeeld. Waarschijnlijk had hij gelijk daarna uit een zijkamer een nieuw exemplaar gepakt en dat samen met het briefje ‘verf nog nat’ op de standaard gezet.

Je kunt wel denken dat je uniek bent, maar in werkelijkheid lijken we allemaal net zo op elkaar als die dienbladen. Zelfs onze verlangens zijn hetzelfde. Dat geeft niets, ze worden er niet minder om, maar het is wel even schrikken.

Onno