Onmacht

Een oom van mij - laat ik hem oom Jan noemen - is uit de Nederlandse drukte naar een Frans dorpje gevlucht. Ik ben er nog nooit op bezoek geweest, maar in de verbeelding is het een reisje van niks. Ik zie lege straatjes voor me, een stoffig dorpspleintje, senioren die petanque spelen. Ik geef onmiddellijk toe: mijn verbeelding is wel eens origineler geweest. Dit lijkt verdacht veel op een cliché. Overigens is petanque niets voor oom Jan. Het liefst liep hij nog als een kleine jongen achter een voetbal aan. Als zijn knieën het maar zouden toelaten. (meer…)...
Lees meer

Cu

Het verbaast me hoeveel moeite het me kost een stukje over Cu te schrijven. Hij was dertien jaar lang onze vrolijke en stabiele huisgenoot. Een verrijking van ons bestaan. Een paar maanden geleden hebben we afscheid van hem moeten nemen. Nu speelt hij met de andere dode schapendoezen aan het einde van de regenboog. Mijn vrouw en ik doen ons best de herinnering aan hem levend te houden. We noemen regelmatig zijn naam en zeggen wat voor leuke hond het was. (meer…)...
Lees meer

“De belofte van de lege zaal” is een mooi initiatief maar negeert het nieuwe normaal van de cultuurconsument

Afgelopen week mailde het filmhuis of ik mijn vriendenpas wilde verlengen. Tot nu toe heb ik aan zulke oproepen zonder aarzelen gehoor gegeven. Ik hoefde geen geld terug voor gekochte kaartjes, liet abonnementen doorlopen en doneerde aan kunstinstellingen die op omvallen stonden. Maar voor het eerst twijfelde ik. Het afgelopen jaar had ik het zonder filmhuis ook prima gered. (meer…)...
Lees meer

Veni, Vidi, Vici

Elke schrijver droomt ervan om vertaald te worden. In het Engels (wereldtaal), Chinees (grote afzetmarkt) of desnoods in het IJslands (altijd al op vakantie naartoe willen gaan). Soms is het nodig die droom een handje te helpen. Zeker als je een totaal onbekende schrijver bent die slechts een paar met de hand gedrukte bundeltjes in kleine oplage heeft uitgegeven. Bij een uitgeverij gevestigd in Houwerzijl (vlek in Noordwest-Groningen). Bundeltjes die alleen door het plaatselijke sufferdje zijn opgemerkt en gerecenseerd. (meer…)...
Lees meer

De benauwdheid uit de verhalen van Maeve Brennan is momenteel makkelijk te herkennen

Ik herlees De twaalfjarige bruiloft, een kort verhaal van Meave Brennan. Achter haar eenvoudige zinnen gaat een claustrofobische wereld schuil. De personages stikken bijna in hun angst, eenzaamheid en onderdrukte woede. Als lezer voel ik me een goudvis in een kom met te weinig water. Het leven van de schrijfster is een speelfilm waard. Ze wordt geboren in 1917 en groeit op in een voorstadje van Dublin, als dochter van katholieke ouders die strijden voor Ierse onafhankelijkheid. (meer…)...
Lees meer

Vriend

Onlangs overleed een goede vriend. We ontmoetten elkaar lang geleden bij de uitreiking van de Priemprijs voor korte verhalen, een initiatief van de Amersfoortse uitgever Nico Denhoorn. Mijn vriend won; ik kreeg een aanmoedigingsprijs. Na afloop trad Maarten van Rozendaal op. (meer…)...
Lees meer

Het dilemma van de violiste

Ik drink koffie met een violiste. Zij vertelt me over het gevecht met de viool waarop ze speelt. Ze kreeg het instrument van een sponsor na haar afstuderen. De viool past niet bij haar karakter. De violiste is niet iemand die graag op de voorgrond treedt. Ze speelt graag voor publiek maar hoeft niet in de schijnwerpers te staan. (meer…)...
Lees meer

Scootmobiel

Het lopen gaat mijn moeder steeds moeilijker af. Zelfs stok en rollator bieden nog maar beperkt uitkomst. Ze woont in een afgelegen straat waar het alleen op zondag een drukte van belang is vanwege een nabijgelegen kerk. Er zijn steeds minder vriendinnen die op bezoek kunnen komen en het winkelcentrum ligt eigenlijk te ver weg. De oplossing: een scootmobiel. Die moest haar een stukje vrijheid teruggeven. Ik had er eerlijk gezegd een hard hoofd in. Niet alleen vanwege de bediening van dat aardse maanvoertuigje, maar ook vanwege het verkeer dat ze onderweg naar bijvoorbeeld het winkelcentrum zou tegenkomen. (meer…)...
Lees meer

Genadeloos

Onderweg naar het station zie ik een bekend iemand met een blikje bier op een bankje zitten. Omdat ik een buitenlandse krant wil kopen, geen trein hoef te halen en dus geen haast heb, stap ik af en neem naast haar plaats. Ze vraagt of ik een slokje bier wil. Ze ziet er moe en onverzorgd uit. Ze heeft een koortslip, stinkt uit haar mond als een vuilnisbelt en door een scheur in haar broek schemert een stukje witte heup. (meer…)...
Lees meer